• AbstracteKunst.Nu

    Ton Meulendijks

  • AbstracteKunst.Nu

    Ton Meulendijks

  • AbstracteKunst.Nu

    Ton Meulendijks

  • AbstracteKunst.Nu

    Ton Meulendijks

  • AbstracteKunst.Nu

    Thomas Meulendijks

  • AbstracteKunst.Nu

    Ton Meulendijks

Kubisme is een schilderstijl binnen de moderne kunst van het begin van de 20e eeuw. Het is een van de vier grote schilderstijlen (naast het dadaïsme, het expressionisme en de abstracte kunst), die de Europese schilderkunst van de 20e eeuw een nieuw elan gaven. Het kubisme vierde zijn hoogtijdagen als avant-garde kunststroming in de periode van 1906 tot ca. 1920.

Van de 19e-eeuwse schilder Paul Cézanne, een voorloper van het kubisme, is de uitspraak dat alle vormen in de natuur in feite zijn opgebouwd uit drie oervormen: bol, kegel en cilinder. Zijn ultieme Sainte Victoires op zijn tentoonstelling in 1907 met zijn werken van de laatste tien jaar en Pablo Picasso's spraakmakende Les Demoiselles d'Avignon waren zovele oorzaken, uitgangspunten, aanleidingen en oorsprong tot en van het kubisme in de schilderkunst.

Het kubisme zou volgens de dichter Max Jacob dan weer uitgevonden zijn op een avondje bij Matisse, waar deze aan Picasso een negerbeeldje toonde dat hij in zijn bezit had. Het moge juist zijn dat de invloed van Afrikaanse sculpturen op het kubisme zeer groot was, het is eveneens zo dat het daar uiteindelijk niet over gaat.

Het belangrijkste - en vernieuwendste - aspect van het kubisme, is dat het in eerste instantie om een nieuwe manier van kijken gaat. De oude vragen: 'Hoe leg ik mijn waarnemingen vast?' en 'Hoe geef ik een driedimensionale ruimte weer op een tweedimensionaal vlak?' die ooit tot de ontdekking van het meetkundig perspectief leidden, worden nu gevolgd door nieuwe, nog prangender vragen: 'Kan ik volstaan met weer te geven wat ik door één oog zie?' en 'Kan ik mijn waarneming vertrouwen?'

Het zou echter wel eerst op de expositie van Les Indépendants zijn, te Parijs op 25 mei 1910, dat de Franse criticus L. Vauxelles, in het blad Gil Blas, de werken van Georges Braque bestempelde als bizarreries cubiques.

Kenmerken van het kubisme zijn: afgevlakt volume, verwarrend perspectief, collage, meerdere standpunten, stilleven, analytisch, synthetisch.

In het kubisme wordt gebruik gemaakt van verschuivende standpunten. Een tafel kan vanuit verschillende hoeken worden bekeken. Van bovenaf als men staat, vanaf de zijkant als men zit, of van onderaf als men iets van de vloer wil oppakken. Kubisten proberen dit in een schilderij te verwerken.

In het kubisme wordt geen onderscheid gemaakt tussen driedimensionale vormen die naar de kijker toe buigen en vormen die van de kijker af moeten buigen. Kubisten maken vormen vlak en vermenigvuldigen ze dan waardoor platte vlakken met veel patronen in zachte kleuren worden geschilderd gezien vanuit verschillende hoeken.

Hoe belangrijk het expressionisme ook is geweest voor de verdere ontwikkeling van de kunst van de 20e eeuw, zonder de nieuwe manier van kijken van het kubisme zouden we niet spreken over futurisme, dadaïsme, surrealisme, constructivisme, bepaalde vormen van abstracte kunst en kinetische kunst en evenmin van conceptuele kunst.

Het kubisme bevruchtte de basisstroming van de 20e eeuw, het expressionisme, en bracht zo mengvormen voort als het Vlaams expressionisme en de kunst van Picasso.

Het kubisme heeft voorgoed komaf gemaakt met de oude manier van kijken. Kunst kan vanaf dat ogenblik geen venster meer zijn op de werkelijkheid, maar moet een diagram worden, een directe registratie van wat in ons hoofd omgaat, wanneer wij naar de dingen kijken. Vandaar de bizarre gedachtesprongen, de fragmentering, de collages, de schijnbaar onjuiste kleuren.